Eindexamentoewijding

Kleinezwerm

 

Afgelopen maandag (3 januari) is mijn eindexamen op de Design Academy Eindhoven van start gegaan.

Ik heb in de vier en een half jaar die ik hier al studeer veel meegemaakt en besloten. Zoals dat ik het moest accepteren nooit ontwerper voor Ikea te worden. Dat ik geen enkele aanleg heb voor het vervaardigen van keramiek. Dat ik sowieso beter uit de buurt kan blijven van gecompliceerde machines waarmee ook vingers afgehakt kunnen worden. Dat ik altijd te veel woorden gebruik om iets uit te leggen.

Op de afdeling man & communication, waaraan  ik zal afstuderen zijn dat geen onoverkomelijke handicaps gebleken. Ik zal bij mijn eindexamen veel gebruiken van wat ik het afgelopen jaar geschreven heb, en er iets moois van maken. Misschien dat ik af en toe nog iets zal posten op dit blog, maar ik vrees dat ik er voorlopig geen tijd voor heb. 

Kerstopruiming

 

 

Mensen het is kerstmis.Dat betekent dat het mij ineens opvalt dat het in mijn huis, in tegenstelling tot buiten, alwaar het natuurlijk maagdelijk wit is, een enorme bende is. Er moet schoongemaakt worden. Alles, tot de als ijspegels hangende aangekoekte stukken vet aan de afzuigkap aan toe. Geboend geschrobd geordend en vernietigd moet er worden. Daartoe draag ik een gebloemd schort.
Na het stoffen en lappen hoop ik ook mijn ziel geweten en onrust te hebben opgeruimd. En dan kan het nieuwe jaar beginnen, en ook dan horen jullie weer van me. Als ik me aan mijn voornemens weet te houden.
salut en tot dan!
(En als voorproefje een tekening uit een klein beeldverhaal waar ik mee bezig ben, het zijn spreeuwen. Spreeuwen bleken mooier dan duiven, want ze vliegen in formatie. Duiven zitten alleen maar.)

Sneeuwpret

Sneeuwpret001

 

De metro is vertraagd, dat doet me pijn. Vandaag is het vrijdag dus heb ik de zalmroze en lichtblauwe map mee genomen. Ik heb ook een bakje paperclips bij me.
Sneeuw past niet in mijn perfecte wereld. Het is te vluchtig, te dynamisch. Het verstoort de normale gang van zaken en daar houd ik niet van.
Wel van alle blanco ruimte die ontstaat, dat ik kan zien op welke stukjes nooit iemand loopt, of alleen een keer per dag een man met een hond. Zo vlak langs het spoor, heel dicht langs de muren van een hele hoge flat.
Met zijn allen staan we als natte was in het schommelende voertuig. Mijn collega stapt een paar haltes verder in, zo vroeg is hij nooit.
‘Hee wat leuk dat ik jou hier tref! we moeten het nog hebben over de nieuwjaarsborrel, wie er allemaal komen enzo’ zegt hij ‘Je bedoelt of de meisjes van de helpdesk ook worden uitgenodigd?’ Ik probeer te glimlachen ‘Ook, ook…’
Ik had willen denken aan de documenten die ik vandaag ga perforeren. Het is me niet gegund. ‘We zullen ze uitnodigen’ zeg ik. Hij kijkt me dankbaar aan.
Op tijd ben ik niet meer, deze minuten zijn voor altijd verloren.

Douchegordijn

Douchegordijn001

 

De vloer in de badkamer is ongelofelijk koud, het vriest, en dan vriest het daar ook. Hij schuift het douchegordijn opzij en stapt de drempel over. Drie muren en een gordijn omhullen hem.
Een douchegordijn blijkt altijd veel meer leven in zich te hebben dan men op het eerste gezicht denkt. Zodra het warme water begint te stromen danst het, en kan hem zelfs naar de keel vliegen, zich op hem werpend alsof het daar, op dat moment, de liefde met hem wil bedrijven en samensmelten. Zelden is het wederzijds.
Toch is er een verbond tussen douchende en douchegordijn, al is het minder innig dan het gordijn zou wensen. Het gordijn is het doek waarachter zich zijn podium bevindt. Hij zoekt de diepten van zijn stem en zingt met een snik. Alle druppels trillen mee en glijden weg, het riool in, de wereld tegemoet.
Het douchegordijn zwijgt maar staat op de uitkijk. Een luchtverplaatsing, een ander die de ruimte betreedt, heft het vacuüm op. Dan wordt het stil.

Smakeloze sinaasappel

Mooi001

 

Ik zag een oud mannetje voorbijlopen, zoals iedereen wel eens oude mannetjes voor zijn raam voorbij ziet lopen. Dat is een gevolg van de vergrijzing. Ik herinnerde me ineens wat ik afgelopen nacht droomde. Dat mijn oma begraven werd, maar dat ze eigenlijk een onsmakelijke sinaasappel bleek te zijn, die ik stiekem uitgespuugd had voor de ceremonie begon.
Het mannetje schuifelde verder. Hij droeg een pet die alleen opa’s dragen en ook een jas, die zijn ronde lijf de vorm van een strandbal gaf.
Oude mensen behouden over het algemeen alleen de minder charmante kledingvoorkeuren uit hun jeugd. Dus wel die lelijke arbeiderspetten, boodschappenkarretjes en verschoten vesten maar niet zakhorloges, driedelige pakken, excentrieke brilmonturen ingewikkelde page kapsels met mooie waterkrullen en dophoedjes. Of glimmende leren schoenen, frivole jurken en lange parelsnoeren. Daarvoor in de plaats zijn gekomen; Halflange kledingstukken in de tinten lichtgeel tot beige, slobberbroeken van synthetisch mengsel, zogenaamd nette schoenen met klittenband en beige stappers met rubberen sleehak. Ook populair zijn windjacks in alle felle kleuren zolang ze maar unisex zijn.
Er zijn verschillende verklaringen mogelijk. Ofwel met de jaren verliest men smaak, of mensen zonder smaak leven langer. Stijl staat bij mijn voorvaderen niet in erg hoog aanzien. Mijn oma als smakeloze maar haast onsterfelijke sinaasappel is dan ook een rake metafoor.

Herbert (4)

Herbert004

 

Een beetje opruimen zou inderdaad geen kwaad kunnen, dacht Herbert. Hij zocht een mok die niet beschimmeld was. Die was er niet. Hoe lang zat hij hier nu al? Hij was de tijd een beetje kwijtgeraakt. Naar buiten kijkend kon hij vast stellen dat het winter was geworden. Het was best koud in de kamer.
Hij hoorde Katie en haar koffiekarretje voorbij komen. Katie sloffend, het karretje rinkelend. Blijkbaar klopte ze liever niet bij Herbert aan, ze ging meteen door naar de volgende deur.
Honderden keren had hij de ontmoeting met Katie herbeleefd. Elke keer kwam hij tot de conclusie dat zijn smeekbede angstaanjagend en ongeloofwaardig was geweest. Dat zou ook de enige verklaring zijn voor het verstoken blijven van koffie.
Herbert stond op vanachter zijn bureau, rechtte zijn rug en ging met zijn gezicht dicht tegen de landkaart die aan de muur hing staan. Hij zag de oceaan, haalde diep adem en liep toen, een beetje houterig, de gang op.
Katie kwam niet uit het aangrenzende kantoor.
‘Ka! kunnen we even praten?’
‘Moet dat nu? ik zit midden in mijn ronde’
‘Graag wel, loop even met me mee.’
Herbert liep naar het einde van de gang, eigenlijk wist hij niet waarom, maar er bleek een kopieerhok te zijn. Daar liep hij binnen, en Katie ook. De koffiekar bleef buiten staan. Hij had het warm gekregen. Hier had hij niet goed over nagedacht.
Voor hem stond de vrouw die zijn ondergang kon betekenen. Ze keek onaangedaan en afwachtend. Ongelofelijk, dacht Herbert, dat je zo kil kunt zijn, dat je zo naar een man die spartelt voor zijn leven kunt kijken. Dit is geen mens. Haar gezicht had ook iets blauwigs, nu hij beter keek.
‘Katie, waarom geef je mij geen koffie?’ Hij zei het iets onbeheerster dan hij had willen doen.
En zie haar nou knipperen met die vissenogen van der! dacht hij. En die bleke lippen die een beetje openhangen. Het doet haar niets! Hij was woedend.
‘Omdat je geen koffie, ja! lekkerbakkiedoetumijderookmaareen! hanger aan je deur hebt hangen.’
‘Oh’
‘Was dat het?’
‘Eh ja Ka..’
Katie liep het kopieerhok weer uit.
‘Fijne dag Ramon!’ ze zei het pinnig , Herbert dacht een ondertoon van spot te horen.Er kwam nog iemand het kopieerhok binnen. ‘Je had het licht wel aan kunnen doen, zo gaan ze nog denken dat jullie hier van alles uitspoken! hahaha’
Herbert liep langzaam terug naar zijn kamer. Hij pakte een hanger van de deur naast de zijne, en hing het aan de deurklink. Zijn overzichtelijke wereld was voor Herbert weer een onbegrijpelijke plek geworden.

wat moet je anders?

Plantage001

 

Bij mij om de hoek is vorige week een huis beschoten met een mitrailleur. Dat is op zich al uitzonderlijk. Wat het nog specialer maakt is dat het huis voorzien bleek te zijn van kogelvrij glas. Hoe heb je het zover laten komen? vraagt een redelijk mens zich af. Voor anderen is het vanzelfsprekend. Zo zag ik op televisie een aantal jaar terug een kort interview met een vrouw die geheel tegen haar wil in de criminaliteit was beland.
‘En dan pakken ze je uitkering af, en dan moet je wel, dan laten ze je geen keus.’ Wat moet u dan mevrouw?’ ‘Nou, een wietkwekerij beginnen natuurlijk!’
Oh ja, natuurlijk. Even helemaal vergeten.

Oorlogje

Oorlog001

 

Hij heeft zijn potloden en pennen rechtopgezet, en de muismat dubbelgevouwen. De scherpgeslepen puntjes van de 4h potloden kijken me aan vanachter hun verschansing.Het is oorlog.
Ik heb zoiets gezegd als: ‘Misschien hoeft de waarheid niet altijd boven tafel te komen’ en toen riep hij: ‘Het is oorlog! het slagveld is verplaatst naar het internet, en ik zal niet twijfelen mij als martelaar op te werpen!’ Daarmee doelde hij natuurlijk op een eventuele kogel die hij zou kunnen opvangen voor de grote weldoener van onze aarde die toch ook een beetje crimineel is. Julian.
Ik ben nu tot vijand van de vrijheid gebombardeerd.
Noodgedwongen heb ik daarom een buddie kanon in elkaar geflanst van een gedemonteerde balpen.
Want zo is het altijd met oorlog, zelfs als je je er verre van wilt houden word je er noodgedwongen in meegesleept als het zich aandoet in je achtertuin. Wat kan ik anders doen dan me verdedigen?

Prakje

Foto 495

 

Iemand vertelde me dat alleen Nederlandse wc’s af en toe een vlak stukje hebben in de pot. Een soort serveerplaatje voor de drol. Dat zie je verder nergens.
De Hollander kijkt graag naar de restanten van zijn maaltijd, uitgeserveerd op een bord. Dat kan alleen hier. Niet zo heel vreemd:
Het verschil met het traditionele prakje is niet groot.

Suikervoetje

2010_12_06_16_54_19.pdf000

 

‘Hierbij verklaar ik, Nanette dat mijn zware jaren achter mij liggen. Met de aanschaf van 156 pakken suiker symboliseer ik de last die ik van mij af zal schudden, en beloof ik plechtig te genezen van algehele zwaarte’
De pakken suiker pasten in twee winkel wagentjes en Nanette reed ze een voor een naar het dichtgevroren meer. Terwijl ze het eerste wagentje naar de waterkant duwde, hijgend, met zware stappen, stal een brave huismoeder een van de pakken uit het tweede karretje. Dat viel niet op, maar deed wel enigszins afbreuk aan de symboliek. Nu Kon Nanette geen iglo van suiker bouwen met exact haar eigen gewicht.
Maar dat wist ze nog niet. Het bleek ook niet mee te vallen de suiker plakkerig genoeg te maken om het in blokken te persen. De thermosfles thee was al gauw bijna op.Als een levende sneeuwman stond ze op het ijs, De suiker woei over de vlakte en bracht een kristalachtig geknisper voort.
Nanette had vooral zware voeten, het waren grote rode voeten. Ze waren rood want zo groot en zwaar dat er geen schoenen om pasten. Haar moeder noemde het een ‘stevige basis’ Nanette noemde het ‘betonblokken’. Zij was niet erg tevreden met zichzelf.ze pakte alle suiker uit en legde het op een hoop. Ze probeerde de contour van een iglo te zien, maar zag een witte piramide. ‘Hierbij verklaar ik, Nanette dat mijn zware jaren achter mij liggen. Met de aanschaf van 156 pakken suiker symboliseer ik de last die ik heb, en beloof ik te genezen van algehele zwaarte’ Zei ze, terwijl ze de suiker probeerde te stapelen.
Het werd al donker en ze had het koud.
Er zat nog een klein beetje thee in de thermoskan.
Ze wist dat het kleinste beetje suiker een stap op de weg terug zou zijn, een afgang. Maar 155 kilo suiker kan erg overtuigend zijn.
Nanette goot een handje koude suiker in de kan, schudde en nam een slok. Het bloed in haar lichaam begon te stromen. Ook haar uiteinden, die lang verstoken van toevoer waren geweest werden gevuld met zingend zuurstofrijk bloed. Haar handen tintelden, haar neus ook. Haar grote voeten gloeiden, want ze had wintertenen.
Eerst werden haar grote tenen bloedheet, en toen haar hele voetzool. Ze begon door het ijs te zakken. Haar hete voeten in het ijskoude water voelden bevrijdend. Ze zonk, en ook de suiker stortte het wak in. 155 kilo suiker loste op in het water en verdween in de spijsverteringskanalen van de vissen. Nanette danste gewichtsloos met hen, haar voeten hoog boven haar oren.